[D66] De Nederlandse psychiatrie is geen zorgsysteem (2)
René Oudeweg
roudeweg at gmail.com
Mon Jan 19 06:06:45 CET 2026
De Nederlandse psychiatrie is geen zorgsysteem (2)
De Nederlandse psychiatrie presenteert zich graag als zorg, als hulp,
als vangnet. Maar wie er eenmaal in verstrikt raakt, merkt al snel dat
dit verhaal niet klopt. Wat hier “zorg” heet, is in werkelijkheid een
systeem van beheersing, disciplinering en dwang, waarin menselijke
waardigheid structureel ondergeschikt is aan controle. De Wvggz is
daarbij niet het corrigerende geweten dat misstanden voorkomt, maar de
juridische verankering ervan. Het is de wet die geweld legitimeert
zolang het maar netjes wordt opgeschreven.
Alles begint bij de bejegening, of beter gezegd: het systematische
gebrek daaraan. Zodra iemand het label “psychiatrisch” krijgt, verandert
de omgang radicaal. De toon wordt afstandelijk, neerbuigend, technisch.
Wat iemand zegt, wordt niet meer gehoord als betekenisvolle
communicatie, maar gefilterd door een diagnostische bril. Woede is geen
reactie, maar een symptoom. Angst is geen signaal, maar een stoornis.
Verzet is geen grens, maar “gebrek aan ziekte-inzicht”. Vanaf dat moment
praat niemand meer met je, maar over je. En altijd in termen die jouw
stem neutraliseren.
Psychiaters spelen hierin een centrale rol. Zij zijn de poortwachters
van dwang, de tolken van gedrag, de mensen die met één handtekening
iemands vrijheid kunnen opschorten. En dat doen ze met een gemak dat
ronduit angstaanjagend is. Zelden zie je twijfel, zelden zie je
zelfreflectie. De witte jas en de titel verschaffen een
onaantastbaarheid die misbruikt wordt als moreel schild. “Ik volg de
richtlijnen.” “Ik handel volgens de wet.” “Dit is in uw belang.” Het
zijn zinnen die klinken als zorg, maar functioneren als macht.
Wat psychiaters structureel weigeren te erkennen, is hun eigen positie
in dit geweld. Ze doen alsof dwang iets is dat hen overkomt, alsof zij
slechts uitvoerders zijn van een noodzakelijk kwaad. Maar zij schrijven
de indicaties. Zij formuleren de risico’s. Zij beslissen wat “ernstig
nadeel” heet. Zij bepalen of iemand opgesloten wordt, vastgehouden,
gedwongen gemediceerd. En vrijwel nooit stellen zij zichzelf de vraag of
dit werkelijk helpt, of dit proportioneel is, of dit moreel verdedigbaar
is. De dwang wordt genormaliseerd, geïnternaliseerd, professioneel
afgevlakt.
De Wvggz heeft dit proces niet menselijker gemaakt, maar
bureaucratischer. Waar voorheen brute dwang openlijk plaatsvond, is die
nu omgeven met formulieren, termijnen en procedures die vooral één
functie hebben: het systeem indekken tegen kritiek. Rechtsbescherming
bestaat op papier, maar verdampt op het moment dat het ertoe doet.
Bezwaar maken tegen een dwangmaatregel terwijl je al opgesloten zit, is
geen bescherming, maar cynisme. Het suggereert inspraak waar geen macht
is. Het legitimeert achteraf wat vooraf al vaststond.
De psychiatrie zegt veiligheid te bieden, maar creëert structureel
onveiligheid. Gedwongen opsluiting, isolatie, fixatie en medicatie zijn
traumatiserend. Dat is geen mening, dat is gedocumenteerde realiteit.
Toch blijft men doen alsof de schade minimaal is, alsof het erger zou
zijn om niets te doen. Maar “niets doen” betekent in dit kader meestal:
niet ingrijpen met geweld. Het betekent luisteren, aanwezig zijn,
verdragen, relationeel werken. Precies de vaardigheden die in dit
systeem zijn wegbezuinigd, weggerationaliseerd en weggezet als naïef.
In plaats daarvan heerst de logica van risico. Alles draait om het
voorkomen van incidenten, niet om het herstellen van mensen.
Professionals zijn niet bezig met wat iemand nodig heeft, maar met wat
iemand mogelijk zou kunnen doen. Hypothetische gevaren wegen zwaarder
dan actuele schade. En wie daaronder lijdt, is altijd degene met de
minste macht. De patiënt. De cliënt. De mens die al kwetsbaar was en nu
nog verder wordt uitgekleed.
Psychiaters verschuilen zich graag achter wetenschap, maar wat hier
plaatsvindt is zelden evidence-based zorg en vaak gewoon autoritair
handelen. De effectiviteit van gedwongen behandeling is zwak onderbouwd,
de bijwerkingen enorm. Toch wordt medicatie opgedrongen alsof het een
morele plicht is, alsof weigeren per definitie irrationeel is. Dat
iemand slechte ervaringen heeft, dat iemand bang is, dat iemand nee zegt
— het telt allemaal niet. Nee zeggen is pathologie geworden.
Wat ontbreekt, is besef van machtsongelijkheid. Een psychiater kan naar
huis. De patiënt niet. De psychiater kan fouten maken zonder
consequenties. De patiënt betaalt de prijs. En toch blijft men doen
alsof er sprake is van samenwerking, van gedeelde besluitvorming. Het is
een leugen die zo vaak herhaald wordt dat hij professioneel klinkt. Maar
samenwerking onder dwang is geen samenwerking. Het is onderwerping.
De cultuur binnen de psychiatrie versterkt dit alles. Kritiek van
binnenuit wordt ontmoedigd. Wie vragen stelt bij dwang, wordt weggezet
als onrealistisch, emotioneel of onprofessioneel. Wie te veel empathie
toont, brandt op. Wie meegaat in het systeem, overleeft. Zo reproduceert
het geweld zichzelf, generatie na generatie, verpakt als zorgopleiding
en nascholing.
En ondertussen vraagt men zich hardop af waarom mensen de zorg mijden.
Waarom vertrouwen ontbreekt. Waarom herstel uitblijft. Het antwoord ligt
voor de hand, maar wordt niet onder ogen gezien: omdat je niet kunt
herstellen in een systeem dat je ontmenselijkt. Omdat je geen veiligheid
kunt ervaren bij mensen die macht over je hebben en die macht zonder
scrupules inzetten. Omdat zorg die begint met dwang nooit zorg wordt,
hoe mooi de woorden ook zijn.
Dit systeem heeft geen pleisters nodig, geen kleine aanpassingen, geen
nieuwe richtlijn. Het heeft een fundamentele morele confrontatie nodig.
Met zichzelf, met zijn geschiedenis, met zijn slachtoffers. Zolang
psychiaters blijven weigeren hun rol in dwang te erkennen, zolang de
Wvggz wordt gepresenteerd als vooruitgang in plaats van als legitimatie
van geweld, zal er niets veranderen.
Zorg begint waar dwang eindigt. Waar luisteren belangrijker is dan
beheersen. Waar professionals hun macht ter discussie durven stellen in
plaats van haar te rationaliseren. Alles daarvoor is geen hulp, maar
schade. En die schade wordt dagelijks aangericht, in naam van zorg, door
mensen die beter zouden moeten weten.
More information about the D66
mailing list