[D66] De rechtsstaat op steroïden van macht: wanneer het Haagse moraal instort

René Oudeweg roudeweg at gmail.com
Fri Jan 9 01:35:34 CET 2026


Wanneer macht het recht wurgt – en Den Haag wegkijkt

Er zijn momenten waarop een land zichzelf verraadt zonder één wet te 
veranderen, zonder één grondwetsartikel te schrappen, zonder één stem 
uit te brengen. Het hoeft slechts te zwijgen. Of nog erger: te mompelen.

De ontvoering van Nicolás Maduro door de Verenigde Staten, uitgevoerd 
met militair geweld op vreemd grondgebied en gevolgd door een operatie 
die tientallen, mogelijk meer dan honderd mensen het leven kostte, is 
zo’n moment. Het is een daad die alle klassieke rode lijnen van het 
internationaal recht overschrijdt: soevereiniteit, non-interventie, het 
verbod op geweld, de bescherming van burgers. Wie dit ontkent, heeft het 
volkenrecht gereduceerd tot een foldertekst.

En wat deed Nederland? Wat deed de Tweede Kamer, die zichzelf graag ziet 
als hoeder van democratie en rechtsstatelijkheid? Zij weigerde te 
veroordelen. Geen ondubbelzinnige afkeuring, geen duidelijke taal, geen 
morele ruggengraat. Slechts een aarzelende formulering van minister Van 
Weel: de actie was “niet in lijn met het internationaal recht”. Niet 
onrechtmatig. Niet illegaal. Niet verwerpelijk. Nee — niet in lijn. 
Alsof het ging om een slordig beleidsstuk, niet om een gewelddadige 
ontvoering met een spoor van doden.

Dit is geen diplomatie. Dit is capitulatie.

De verdwijntruc van principes

Nederland heeft jarenlang geleefd op moreel krediet. Het profileerde 
zich als kampioen van regels, procedures, hoven en verdragen. Klein 
land, grote principes. Dat was het verhaal. Dat was het verdienmodel. En 
nu blijkt hoe fragiel dat verhaal is zodra het botst met macht.

Want laten we helder zijn: dit zwijgen heeft niets te maken met 
juridische twijfel. Het internationaal recht is op dit punt niet vaag. 
Het verbiedt gewelddadige ontvoering van staatshoofden. Het verbiedt 
militaire interventies zonder mandaat. Het beschermt burgers tegen 
precies dit soort “operaties”. Wie dat niet durft te zeggen, doet dat 
niet uit onwetendheid, maar uit angst.

Angst voor wie? Voor een bondgenoot. Voor repercussies. Voor ongemak. 
Voor het moment waarop principes iets kosten.

De Tweede Kamer had hier een grens kunnen trekken. Had kunnen zeggen: 
ongeacht wie het doet, ongeacht hoe verwerpelijk de doelwitpersoon is, 
dit is onacceptabel. Dat deed zij niet. En daarmee heeft zij iets veel 
groters prijsgegeven dan een resolutie of een debat: zij heeft de 
illusie opgegeven dat regels universeel gelden.

Van rechtsstaat naar machtsrealisme

Wat we hier zien, is geen incident. Het is een verschuiving. Een stille, 
maar fundamentele draai van rechtsprincipes naar machtsrealisme. Niet 
uitgesproken, niet beleden, maar wel toegepast.

Machtsrealisme zegt: wie sterk is, bepaalt de norm. Wie zwak is, 
ondergaat haar. Machtsrealisme zegt: regels zijn nuttig zolang ze ons 
dienen, maar onderhandelbaar zodra ze botsen met belangen. En 
machtsrealisme zegt vooral: bondgenoten hoeven we niet publiekelijk te 
corrigeren — zelfs niet wanneer ze doen wat we anderen fel verwijten.

Dat is exact wat hier gebeurt. Als Rusland, China of een ander 
“ongewenst” land een staatshoofd met geweld zou ontvoeren, zou Den Haag 
spreken van een flagrante schending van het internationaal recht. Er 
zouden spoeddebatten komen, resoluties, verklaringen vol morele 
verontwaardiging. Maar nu het de Verenigde Staten zijn, stokt de stem. 
Dan wordt het recht ineens elastisch.

Dit is hypocrisie, niet realpolitik.

De doden die niet meetellen

Het meest beschamende aspect van de Nederlandse houding is misschien wel 
de onverschilligheid ten opzichte van de slachtoffers. Honderd doden — 
mannen, vrouwen, burgers — verdwijnen in voetnoten of worden volledig 
genegeerd. Alsof ze collateral damage zijn in een moreel narratief 
waarin het doel de middelen heiligt.

Maar wie het recht serieus neemt, weet: juist het lot van die burgers is 
de kern van de zaak. Het internationaal recht bestaat niet om dictators 
te beschermen, maar om mensen te beschermen tegen de willekeur van 
geweld. Elke dode is een aanklacht tegen de gedachte dat macht 
gerechtigheid kan afdwingen met kogels en raketten.

Dat Den Haag hierover zwijgt, is veelzeggend. Het zegt: deze levens 
wegen niet zwaar genoeg om een bondgenoot tegen te spreken. En wie dat 
accepteert, heeft niets meer te zeggen wanneer elders dezelfde 
redenering wordt toegepast.

“Maar Maduro is een dictator”

Dit is het lafhartige tegenargument dat als morele rookbom wordt 
ingezet. Alsof de aard van de persoon bepaalt of het recht geldt. Alsof 
verdragen clausules bevatten voor “slechte leiders”.

Ja, Maduro is verantwoordelijk voor grove mensenrechtenschendingen. Ja, 
zijn regime verdient internationale kritiek, druk en vervolging via 
legale kanalen. Maar nee — dat rechtvaardigt geen gewelddadige 
ontvoering door een buitenlandse mogendheid.

Wie dit onderscheid niet kan of wil maken, heeft het recht ingeruild 
voor wraakfantasie. Vandaag wordt die logica toegepast op een dictator. 
Morgen op een oppositieleider. Overmorgen op een journalist. Het 
mechanisme is hetzelfde.

Het gevaarlijke precedent is niet dat Maduro is opgepakt. Het precedent 
is dat een staat besluit dat zij het recht zelf mag uitvoeren, buiten 
elk internationaal kader om, en dat bondgenoten dat stilzwijgend accepteren.

De Tweede Kamer als figurant

De rol van de Tweede Kamer in dit alles is ronduit beschamend. In plaats 
van het kabinet onder druk te zetten, fungeert zij als decor. Een 
achtergrond waartegen het echte spel — geopolitiek, belangen, 
loyaliteiten — ongestoord kan doorgaan.

Waar zijn de moties? Waar zijn de scherpe vragen? Waar is de eis tot 
onafhankelijk onderzoek? Waar is het besef dat dit moment groter is dan 
partijpolitiek?

Een parlement dat zijn tanden niet laat zien wanneer het recht wordt 
geschonden door een bondgenoot, heeft zichzelf gedegradeerd tot 
applausmachine van de uitvoerende macht. En een parlement dat bang is 
voor diplomatiek ongemak, is zijn bestaansrecht vergeten.

Wat Nederland had moeten doen

Het alternatief was niet ingewikkeld. Het vereiste geen heldendom, 
slechts consistentie.

Nederland had ondubbelzinnig moeten verklaren dat deze actie 
onrechtmatig was. Punt. Geen semantisch ontwijken, geen “niet in lijn”, 
geen vage zorgen. Had moeten aandringen op internationale juridische 
toetsing. Had de humanitaire gevolgen centraal moeten stellen. Had samen 
met andere landen een duidelijk signaal moeten afgeven: dit is geen 
wereldorde waarin wij willen leven.

Dat zou geen steun zijn geweest aan Maduro. Het zou steun zijn geweest 
aan het idee dat macht niet boven het recht staat.

De prijs van lafheid

De schade van deze houding is groter dan dit ene incident. Nederland 
ondergraaft zijn geloofwaardigheid. De volgende keer dat Den Haag pleit 
voor internationale regels, zal de reactie zijn: alleen als het uitkomt.

En terecht.

Want principes die selectief worden toegepast, zijn geen principes maar 
instrumenten. En instrumenten roepen geen respect op — slechts cynisme.

De tragiek is dat Nederland zichzelf hiermee verzwakt. Kleine landen 
hebben geen tanks om de wereldorde te bepalen. Ze hebben regels. Door 
die regels te laten verdampen zodra ze oncomfortabel worden, zaagt 
Nederland aan de tak waarop het zelf zit.

Slot: de stilte die blijft hangen

Misschien is dit het moment waarop we moeten erkennen dat het verhaal 
voorbij is. Dat het tijdperk waarin Nederland zichzelf zag als moreel 
kompas, als juridische waakhond, als principiële speler, ten einde loopt.

Wat ervoor in de plaats komt, is een land dat meebuigt met macht, dat 
stil blijft wanneer het recht wordt vertrapt door vrienden, en dat zich 
verschuilt achter diplomatieke taal om morele leegte te verhullen.

De vraag is niet of dit verstandig is op korte termijn. De vraag is of 
we bereid zijn te leven in een wereld waarin ontvoering, geweld en 
willekeur normaal worden — zolang ze maar door de juiste handen worden 
uitgevoerd.

Door te zwijgen heeft Den Haag gekozen. En die keuze zal ons 
achtervolgen, lang nadat de nieuwsberichten zijn verdwenen.


More information about the D66 mailing list