<div dir="ltr">Maar 'onbegrepen gedrag' zie ik steeds vaker, ook voor verwarde personen of psychotici. <div>Net zoiets als 'tot slaaf gemaakte', alsof de woorden dat verschil maken</div></div><br><div class="gmail_quote gmail_quote_container"><div dir="ltr" class="gmail_attr">Op wo 21 jan 2026 om 05:43 schreef René Oudeweg via D66 <<a href="mailto:d66@tuxtown.net">d66@tuxtown.net</a>>:<br></div><blockquote class="gmail_quote" style="margin:0px 0px 0px 0.8ex;border-left:1px solid rgb(204,204,204);padding-left:1ex">Volgens mij hangt dat van het politieke weerbericht af. NOS spreekt nog <br>
altijd over 'verwarden', in haar morele luiheid en verontwaardigde <br>
sensatiezucht kenmerkend van die laag-bij-de-grondse crimiverslaggevers <br>
als L. Gevers en E. van den Berg. Bovendien als je 'psychotisch' bent <br>
geweest dan pas je ineens ook weer niet in het hokje van neurodivers. Te <br>
eng. Onder neurodivers bedoelen ze dan ook meestal ADHDers en autisten.<br>
<br>
<br>
On 1/20/26 19:43, Bert Bakker via D66 wrote:<br>
> De 'verwarde persoon' heet tegenwoordig toch een 'persoon met onbegrepen <br>
> gedrag'. Of een 'neurodiverse' persoon?<br>
> <br>
> Op di 20 jan 2026 om 19:02 schreef René Oudeweg via D66 <<a href="mailto:d66@tuxtown.net" target="_blank">d66@tuxtown.net</a> <br>
> <mailto:<a href="mailto:d66@tuxtown.net" target="_blank">d66@tuxtown.net</a>>>:<br>
> <br>
>     De Liturgie van de Verontwaardiging<br>
> <br>
>     Het is een vertrouwd ritueel geworden, even voorspelbaar als de<br>
>     seizoenen en even hol als hun metaforen: het godsgeklaag in de<br>
>     massamedia over de “verwarde persoon”. Telkens wanneer een incident<br>
>     zich<br>
>     aandient – bij voorkeur met sirenes, tape en een samenvatting die in<br>
>     zestig seconden past – wordt het koor aangeheven. Commentatoren<br>
>     slaan de<br>
>     handen ineen, presentatoren fronsen de wenkbrauwen met geoefende<br>
>     empathie, en opiniemakers trekken hun standaardwoordenboek open waarin<br>
>     “onbegrepen”, “ontregeld” en “tussen wal en schip gevallen” alfabetisch<br>
>     gerangschikt staan. Het publiek zucht mee, niet zozeer uit<br>
>     betrokkenheid<br>
>     als wel uit herkenning: dit verhaal kennen we, dit verhaal vraagt niets<br>
>     van ons behalve instemmend hoofdknikken.<br>
> <br>
>     Wat men dan “bezorgdheid” noemt, is in werkelijkheid een esthetische<br>
>     pose. De verwarde persoon is in dit narratief geen mens van vlees en<br>
>     bloed, maar een dramaturgisch instrument, een katalysator voor morele<br>
>     verontwaardiging zonder consequenties. Hij of zij verschijnt in de<br>
>     media<br>
>     zoals de koorleider in een Griekse tragedie: niet om te handelen, maar<br>
>     om het onheil te duiden en tegelijk te neutraliseren. Door de verwarde<br>
>     persoon te benoemen, te rubriceren en te herhalen, wordt het<br>
>     ongerief op<br>
>     veilige afstand gehouden. Het is een taxonomie van ongemak, een manier<br>
>     om chaos te temmen met taal die pretendeert te begrijpen maar in feite<br>
>     slechts afbakent.<br>
> <br>
>     De massamedia, altijd op zoek naar een verhaal dat zowel schokt als<br>
>     geruststelt, hebben deze figuur gretig omarmd. Want zie: hier is iemand<br>
>     die de maatschappelijke orde verstoort, maar die we tegelijk kunnen<br>
>     ontzien. Hij is geen boef, maar ook geen burger; geen vijand, maar ook<br>
>     geen medemens. Hij zweeft in een semantisch limbo waarin alles mogelijk<br>
>     is en niets verplicht. Door hem “verward” te noemen, wordt elke vraag<br>
>     naar oorzaken verdampt tot een mist van abstracties. Het woord<br>
>     functioneert als een spons: het zuigt complexiteit op en laat een<br>
>     schijnbaar droge oppervlakte achter waarop de kijker zich veilig kan<br>
>     bewegen.<br>
> <br>
>     Het godsgeklaag zelf is een wonder van morele luiheid. Men roept om<br>
>     “meer zorg”, om “betere samenwerking”, om “signalen die gemist zijn”.<br>
>     Het zijn incantaties, geen voorstellen. Ze worden uitgesproken met de<br>
>     plechtigheid van een gebed en de effectiviteit ervan is navenant.<br>
>     Niemand hoeft te specificeren wat die zorg precies inhoudt, wie haar<br>
>     moet leveren, of wat ze mag kosten. Het volstaat om te betreuren.<br>
>     Treurnis is goedkoop, en in de mediale economie is goedkoop altijd<br>
>     aantrekkelijk.<br>
> <br>
>     Wat vooral ontbreekt, is zelfreflectie. De media presenteren zich als<br>
>     waarnemers, als neutrale spiegels van de werkelijkheid, maar vergeten<br>
>     gemakshalve hun eigen rol in het creëren van het spektakel dat zij<br>
>     vervolgens betreuren. De verwarde persoon bestaat in het publieke<br>
>     bewustzijn vooral omdat hij zo gretig wordt opgevoerd. Elk incident<br>
>     wordt uitvergroot, losgezongen van context, herhaald tot het een<br>
>     archetype wordt. Zo ontstaat een karikatuur die men vervolgens ernstig<br>
>     neemt. Het is een perverse feedbacklus: de media produceren het beeld<br>
>     dat zij zeggen te analyseren.<br>
> <br>
>     Er zit iets obscens in de manier waarop leed wordt verhandeld. De<br>
>     verwarde persoon wordt gefilmd, geciteerd, geparafraseerd, maar zelden<br>
>     gehoord. Zijn stem verschijnt hooguit als onbegrijpelijk gemompel, een<br>
>     exotisch geluid dat de ernst van de situatie moet onderstrepen. Men<br>
>     vraagt niet wat hij zegt, maar wat hij “doet”. Actie is immers<br>
>     verkoopbaar, betekenis niet. En wanneer de actie eenmaal heeft<br>
>     plaatsgevonden, kan men met een gerust hart overstappen op de analyse,<br>
>     die altijd achteraf komt en daarom nooit iets hoeft te veranderen.<br>
> <br>
>     De eruditie van het godsgeklaag is selectief. Men haalt statistieken<br>
>     aan<br>
>     zonder ze te duiden, verwijst naar rapporten die niemand gelezen heeft,<br>
>     en strooit met vakjargon alsof het zout is: royaal, gedachteloos,<br>
>     vooral<br>
>     om smaak te suggereren. Het discours is doorspekt met termen uit de<br>
>     psychiatrie, maar ontdaan van hun klinische precisie. Diagnoses worden<br>
>     metaforen, behandelingen worden slogans. Zo ontstaat een<br>
>     pseudo-wetenschappelijkheid die autoriteit uitstraalt zonder<br>
>     verantwoordelijkheid te dragen.<br>
> <br>
>     Ondertussen blijft het fundament onaangeroerd: een samenleving die<br>
>     systematisch moeite heeft met alles wat niet efficiënt, productief en<br>
>     voorspelbaar is. De verwarde persoon is de storing in het systeem, de<br>
>     ruis die niet kan worden weggefilterd zonder het hele signaal in vraag<br>
>     te stellen. En dat laatste is ondenkbaar. Dus kiest men voor<br>
>     symptoombestrijding op narratief niveau. Men praat over opvang, maar<br>
>     niet over uitsluiting; over zorg, maar niet over de voorwaarden<br>
>     waaronder iemand überhaupt als zorgwaardig wordt gezien.<br>
> <br>
>     Het godsgeklaag is ook een manier om angst te sublimeren. De verwarde<br>
>     persoon fungeert als container voor alles wat men vreest: verlies van<br>
>     controle, kwetsbaarheid, de dunne lijn tussen normaliteit en waanzin.<br>
>     Door hem te externaliseren, door hem te plaatsen in een aparte<br>
>     categorie, kan men zichzelf geruststellen. Wij zijn niet zo. Wij zijn<br>
>     veilig. De media voeden deze geruststelling door telkens weer te<br>
>     benadrukken hoe uitzonderlijk het incident is, hoe zeldzaam, hoe<br>
>     tragisch. Tragiek is hier een schild: het maakt van structureel falen<br>
>     een noodlot.<br>
> <br>
>     Er is een zekere ironie in het feit dat men spreekt over “onbegrepen<br>
>     gedrag” in een context die elk werkelijk begrip systematisch onmogelijk<br>
>     maakt. Begrip vergt tijd, nuance, en de bereidheid om<br>
>     tegenstrijdigheden<br>
>     te verdragen. Het massamediale format verdraagt geen van drieën. Het<br>
>     verlangt helderheid, tempo en een moraal aan het einde. Dus wordt<br>
>     begrip<br>
>     vervangen door empathische clichés, en complexiteit door soundbites.<br>
>     Wat<br>
>     overblijft, is een esthetiek van betrokkenheid zonder de last van<br>
>     betrokken zijn.<br>
> <br>
>     Wie zich waagt aan kritiek op dit discours, loopt het risico zelf<br>
>     verdacht te worden. Want hoe durft men, in tijden van nood, te<br>
>     wijzen op<br>
>     de leegte van het klagen? Het godsgeklaag heeft een moreel pantser: het<br>
>     presenteert zich als vanzelfsprekend goed. Wie het bevraagt, lijkt kil,<br>
>     elitair, wereldvreemd. En toch is het juist deze kritiek die ontbreekt.<br>
>     Want zonder haar blijft men cirkelen in dezelfde retorische tredmolen,<br>
>     waarbij elke omwenteling meer slijtage veroorzaakt maar geen<br>
>     vooruitgang.<br>
> <br>
>     De bitterheid die dit alles oproept, is geen cynisme maar vermoeidheid.<br>
>     Vermoeidheid over het telkens opnieuw moeten constateren dat woorden<br>
>     worden gebruikt om handelen te vermijden. Dat empathie wordt geëtaleerd<br>
>     als een accessoire, niet beoefend als een praktijk. Dat men liever<br>
>     spreekt over “verwarde personen” dan over een verwarde samenleving. De<br>
>     term zelf is een spiegel die men weigert te bekijken.<br>
> <br>
>     Misschien is dat wel de kern van het probleem: het godsgeklaag is een<br>
>     vorm van zelfverdediging. Het beschermt tegen de ongemakkelijke vraag<br>
>     wat deze figuur over ons zegt. Over onze tolerantie, onze instituties,<br>
>     onze definitie van normaliteit. Door de verwarde persoon tot onderwerp<br>
>     van medelijden te maken, onttrekken we ons aan de mogelijkheid dat hij<br>
>     ook een aanklacht is. Tegen een wereld die steeds minder ruimte laat<br>
>     voor afwijking, traagheid en kwetsbaarheid.<br>
> <br>
>     En zo blijft men klagen, met de ernst van een requiem en de lichtheid<br>
>     van een reclameblok. De camera draait, de expert knikt, de kijker<br>
>     zucht.<br>
>     Morgen een nieuw onderwerp, een nieuw godsgeklaag. De verwarde persoon<br>
>     verdwijnt weer in de marge, totdat hij opnieuw bruikbaar is. Het is een<br>
>     cyclus die zichzelf voedt en niemand verzadigt. Alleen de illusie van<br>
>     betrokkenheid blijft achter, als een lege kelk op een altaar waar<br>
>     allang<br>
>     geen god meer woont.<br>
>     _______________________________________________<br>
>     D66 mailing list<br>
>     <a href="mailto:D66@tuxtown.net" target="_blank">D66@tuxtown.net</a> <mailto:<a href="mailto:D66@tuxtown.net" target="_blank">D66@tuxtown.net</a>><br>
>     <a href="http://www.tuxtown.net/mailman/listinfo/d66" rel="noreferrer" target="_blank">http://www.tuxtown.net/mailman/listinfo/d66</a> <<a href="http://www.tuxtown.net/" rel="noreferrer" target="_blank">http://www.tuxtown.net/</a><br>
>     mailman/listinfo/d66><br>
> <br>
> <br>
> _______________________________________________<br>
> D66 mailing list<br>
> <a href="mailto:D66@tuxtown.net" target="_blank">D66@tuxtown.net</a><br>
> <a href="http://www.tuxtown.net/mailman/listinfo/d66" rel="noreferrer" target="_blank">http://www.tuxtown.net/mailman/listinfo/d66</a><br>
<br>
_______________________________________________<br>
D66 mailing list<br>
<a href="mailto:D66@tuxtown.net" target="_blank">D66@tuxtown.net</a><br>
<a href="http://www.tuxtown.net/mailman/listinfo/d66" rel="noreferrer" target="_blank">http://www.tuxtown.net/mailman/listinfo/d66</a><br>
</blockquote></div>