<!DOCTYPE html>
<html>
<head>
<meta http-equiv="content-type" content="text/html; charset=UTF-8">
</head>
<body text="#000000" bgcolor="#f9f9fa">
<p data-start="298" data-end="336">Een lezing door de chatbot van:</p>
<p><a moz-do-not-send="true"
href="https://www.ditext.com/heidegger/interview.html"
class="moz-txt-link-freetext">https://www.ditext.com/heidegger/interview.html</a></p>
<p><br>
</p>
<h2 data-start="298" data-end="336"><br>
</h2>
<h2 data-start="298" data-end="336">Alleen nog een god kan ons
redden (1966)</h2>
<h3 data-start="337" data-end="392">Heideggers Spiegel-interview,
gelezen van binnenuit</h3>
<hr data-start="394" data-end="397">
<h2 data-start="399" data-end="444">1. Het interview als filosofisch
testament</h2>
<p data-start="446" data-end="728">Dat Heidegger het interview pas
na zijn dood gepubliceerd wilde zien, is geen biografisch detail
maar een filosofische daad. Het interview is opgezet als een <strong
data-start="604" data-end="662">laatste positionering van het
denken tegenover de tijd</strong>. Heidegger zegt expliciet dat
hij geen oplossingen wil aandragen:</p>
<blockquote data-start="730" data-end="843">
<p data-start="732" data-end="843"><em data-start="732"
data-end="843">“De filosofie zal geen onmiddellijke
verandering in de huidige toestand van de wereld teweeg kunnen
brengen.”</em></p>
</blockquote>
<p data-start="845" data-end="1145">Hier positioneert Heidegger het
gesprek niet als politiek debat, maar als wat hij elders noemt <em
data-start="940" data-end="951">Besinnung</em>: bezinning op het
wezen van de tijd waarin wij leven. Het interview fungeert als een
drempeltekst tussen het klassieke werk (<em data-start="1077"
data-end="1092">Sein und Zeit</em>) en het late denken over
techniek, taal en Ereignis.</p>
<hr data-start="1147" data-end="1150">
<h2 data-start="1152" data-end="1206">2. 1933 en de vergissing van
het historische moment</h2>
<p data-start="1208" data-end="1288">Heidegger erkent dat hij in
1933 sprak over de “grootheid” van het nieuwe begin:</p>
<blockquote data-start="1290" data-end="1329">
<p data-start="1292" data-end="1329"><em data-start="1292"
data-end="1329">“Ja, ook daarvan was ik overtuigd.”</em></p>
</blockquote>
<p data-start="1331" data-end="1521">Maar hij voegt er onmiddellijk
aan toe dat dit geen ideologische instemming was, maar een <strong
data-start="1421" data-end="1479">verkeerde inschatting van een
historische mogelijkheid</strong>. Zijn beroemdste
zelfinterpretatie luidt:</p>
<blockquote data-start="1523" data-end="1565">
<p data-start="1525" data-end="1565"><em data-start="1525"
data-end="1565">“Ik zag hierin de enige mogelijkheid.”</em></p>
</blockquote>
<p data-start="1567" data-end="1943">Wat hier cruciaal is, is
Heideggers begrip van geschiedenis. Voor hem is geschiedenis geen
moreel toneel van juiste en foute keuzes, maar een gebeuren (<em
data-start="1719" data-end="1729">Geschick</em>) waarin
mogelijkheden zich aandienen en weer sluiten. Zijn fout was,
filosofisch gesproken, geen verkeerde intentie maar een <strong
data-start="1855" data-end="1942">verwisseling van een
technische machtsbeweging met een mogelijk begin van bezinning</strong>.</p>
<p data-start="1945" data-end="2018">Dat maakt zijn houding moreel
problematisch, maar filosofisch consequent.</p>
<hr data-start="2020" data-end="2023">
<h2 data-start="2025" data-end="2087">3. Techniek is geen
instrument, maar een ontologische macht</h2>
<p data-start="2089" data-end="2201">Het hart van het interview ligt
in Heideggers techniekbegrip. Hij wijst expliciet de instrumentele
opvatting af:</p>
<blockquote data-start="2203" data-end="2294">
<p data-start="2205" data-end="2294"><em data-start="2205"
data-end="2294">“De moderne techniek is geen werktuig en heeft
helemaal niets met werktuigen te maken.”</em></p>
</blockquote>
<p data-start="2296" data-end="2473">Techniek is voor Heidegger een
wijze waarop de werkelijkheid verschijnt. Alles wordt zichtbaar
als wat functioneert, produceert en inzetbaar is. Daarom zegt hij
de beruchte zin:</p>
<blockquote data-start="2475" data-end="2534">
<p data-start="2477" data-end="2534"><em data-start="2477"
data-end="2534">“Alles functioneert. Dat is juist het
angstaanjagende.”</em></p>
</blockquote>
<p data-start="2536" data-end="2721">Het probleem is dus niet dat
techniek faalt, maar dat zij <strong data-start="2594"
data-end="2612">te goed slaagt</strong>. De wereld verschijnt
uitsluitend nog als <em data-start="2655" data-end="2664">Bestand</em>
— voorraad. Zelfs de mens wordt opgenomen in dit bestel:</p>
<blockquote data-start="2723" data-end="2775">
<p data-start="2725" data-end="2775"><em data-start="2725"
data-end="2775">“De ontworteling van de mens is reeds een
feit.”</em></p>
</blockquote>
<p data-start="2777" data-end="2944">Hier ligt Heideggers diepe
actualiteit: de mens is niet langer het subject dat techniek
beheerst, maar zelf <strong data-start="2885" data-end="2913">opgeroepen
en uitgedaagd</strong> door wat hij <em data-start="2927"
data-end="2937">Ge-stell</em> noemt.</p>
<hr data-start="2946" data-end="2949">
<h2 data-start="2951" data-end="2985">4. Politiek als
schijnoplossing</h2>
<p data-start="2987" data-end="3110">Vanuit deze diagnose volgt
Heideggers radicale politieke scepsis. Geen enkel politiek systeem
vormt een wezenlijk antwoord:</p>
<blockquote data-start="3112" data-end="3172">
<p data-start="3114" data-end="3172"><em data-start="3114"
data-end="3172">“Ik ben er niet van overtuigd dat het de
democratie is.”</em></p>
</blockquote>
<p data-start="3174" data-end="3383">Dit is geen antidemocratische
propaganda, maar een ontologische stelling: democratie, socialisme
en kapitalisme <strong data-start="3286" data-end="3328">delen
hetzelfde technische wereldbeeld</strong>. Zij verschillen in
organisatie, niet in grondhouding.</p>
<p data-start="3385" data-end="3452">Daarom noemt Heidegger moderne
politieke antwoorden “halfslachtig”:</p>
<blockquote data-start="3454" data-end="3537">
<p data-start="3456" data-end="3537"><em data-start="3456"
data-end="3537">“Omdat zij geen werkelijke confrontatie
aangaan met het wezen van de techniek.”</em></p>
</blockquote>
<p data-start="3539" data-end="3651">Politiek blijft steken in
beheersing, regulering en optimalisering — precies de beweging die
het probleem vormt.</p>
<hr data-start="3653" data-end="3656">
<h2 data-start="3658" data-end="3699">5. “Alleen nog een god kan ons
redden”</h2>
<p data-start="3701" data-end="3729">De beroemdste passage luidt:</p>
<blockquote data-start="3731" data-end="3771">
<p data-start="3733" data-end="3771"><em data-start="3733"
data-end="3771">“Alleen nog een god kan ons redden.”</em></p>
</blockquote>
<p data-start="3773" data-end="3890">Heidegger bedoelt hiermee
nadrukkelijk <strong data-start="3812" data-end="3843">geen
theologische oplossing</strong>. Dat blijkt uit wat hij
onmiddellijk toevoegt:</p>
<blockquote data-start="3892" data-end="4003">
<p data-start="3894" data-end="4003"><em data-start="3894"
data-end="4003">“Wij kunnen hem niet voortbrengen door ons
denken. Hoogstens kunnen wij een bereidheid tot wachten
wekken.”</em></p>
</blockquote>
<p data-start="4005" data-end="4190">“God” betekent hier: een andere
wijze waarop betekenis verschijnt, een breuk met de technische
ontbergingswijze van de wereld. Dat kan niet worden gepland,
afgedwongen of georganiseerd.</p>
<p data-start="4192" data-end="4221">Wat de mens wél kan doen, is:</p>
<blockquote data-start="4223" data-end="4280">
<p data-start="4225" data-end="4280"><em data-start="4225"
data-end="4280">“Door denken en dichten een bereidheid
voorbereiden.”</em></p>
</blockquote>
<p data-start="4282" data-end="4347">Hier wordt denken zelf een <strong
data-start="4309" data-end="4325">waakzaamheid</strong>, geen
productiviteit.</p>
<hr data-start="4349" data-end="4352">
<h2 data-start="4354" data-end="4405">6. Denken en dichten als
niet-gewelddadige macht</h2>
<p data-start="4407" data-end="4516">Heidegger verbindt zijn denken
expliciet met poëzie, vooral met Hölderlin. Over de huidige
toestand zegt hij:</p>
<blockquote data-start="4518" data-end="4637">
<p data-start="4520" data-end="4637"><em data-start="4520"
data-end="4637">“Het ontwortelen van de mens is het einde,
tenzij denken en dichten opnieuw hun niet-gewelddadige macht
herwinnen.”</em></p>
</blockquote>
<p data-start="4639" data-end="4786">Dat denken en dichten
“niet-gewelddadig” zijn, betekent: zij <strong data-start="4700"
data-end="4718">forceren niets</strong>, zij laten zijn. Dit is
het tegendeel van technische rationaliteit.</p>
<p data-start="4788" data-end="4819">Daarom verklaart Heidegger ook:</p>
<blockquote data-start="4821" data-end="4853">
<p data-start="4823" data-end="4853"><em data-start="4823"
data-end="4853">“De filosofie is ten einde.”</em></p>
</blockquote>
<p data-start="4855" data-end="4992">Niet omdat denken overbodig is
geworden, maar omdat de klassieke metafysische vorm van denken
niet langer toegang biedt tot het probleem.</p>
<hr data-start="4994" data-end="4997">
<h2 data-start="4999" data-end="5053">7. Het einde van de filosofie
en “een ander denken”</h2>
<p data-start="5055" data-end="5151">Wanneer <em data-start="5063"
data-end="5076">Der Spiegel</em> vraagt wat de plaats van de
filosofie is, antwoordt Heidegger provocerend:</p>
<blockquote data-start="5153" data-end="5171">
<p data-start="5155" data-end="5171"><em data-start="5155"
data-end="5171">“Cybernetica.”</em></p>
</blockquote>
<p data-start="5173" data-end="5250">Maar hij voegt eraan toe dat
dit niet het laatste woord is. Hij spreekt over:</p>
<blockquote data-start="5252" data-end="5275">
<p data-start="5254" data-end="5275"><em data-start="5254"
data-end="5275">“Een ander denken.”</em></p>
</blockquote>
<p data-start="5277" data-end="5288">Dit denken:</p>
<ul data-start="5289" data-end="5371">
<li data-start="5289" data-end="5312">
<p data-start="5291" data-end="5312">geeft geen adviezen</p>
</li>
<li data-start="5313" data-end="5344">
<p data-start="5315" data-end="5344">formuleert geen programma’s</p>
</li>
<li data-start="5345" data-end="5371">
<p data-start="5347" data-end="5371">claimt geen autoriteit</p>
</li>
</ul>
<p data-start="5373" data-end="5426">Daarom zegt hij ook onomwonden
tegen de journalisten:</p>
<blockquote data-start="5428" data-end="5455">
<p data-start="5430" data-end="5455"><em data-start="5430"
data-end="5455">“Ik kan u niet helpen.”</em></p>
</blockquote>
<p data-start="5457" data-end="5552">Niet uit onwil, maar omdat hulp
in de vorm van oplossingen zelf deel zou zijn van het probleem.</p>
<hr data-start="5554" data-end="5557">
<h2 data-start="5559" data-end="5607">8. Slot: denken als trouw aan
het onoplosbare</h2>
<p data-start="5609" data-end="5693">Het interview eindigt zonder
hoop, maar ook zonder wanhoop. Heidegger weigert beide:</p>
<blockquote data-start="5695" data-end="5753">
<p data-start="5697" data-end="5753"><em data-start="5697"
data-end="5753">“Optimisme en pessimisme reiken hier niet ver
genoeg.”</em></p>
</blockquote>
<p data-start="5755" data-end="5888">Wat resteert, is trouw aan de
vraag. Denken is geen activiteit naast handelen, maar een andere
verhouding tot het zijn van de wereld.</p>
<p data-start="5890" data-end="6038">Misschien is dat de diepste
provocatie van dit interview: dat het ons niet oproept tot
handelen, maar tot <strong data-start="5996" data-end="6037">ophouden
met vanzelfsprekend handelen</strong></p>
<p><br>
</p>
</body>
</html>