[D66] D66 → D(d + d): Over het temmen van slechte oneindigheid in 2026

René Oudeweg roudeweg at gmail.com
Thu Jan 1 07:22:29 CET 2026


      Naar een herdefinitie van de tag [D66]



      D66 → D(d + d)

*Over het temmen van slechte oneindigheid*

In de esoterische wiskunde is een /signifier/ nooit onschuldig. Wat zich 
aandient als een politiek acroniem, een cultureel label of een 
historisch toeval, kan bij nadere beschouwing een sluimerende formule 
blijken te zijn. Zo ook *D66*. Niet als partij, maar als teken.

De eerste stap is ontbinding.

Niet: zesenzestig,
maar: *D(6 + 6)*.

En zodra het getal zichzelf optelt, schuift het domein van de betekenis 
op. Want 6 is geen getal, maar een /plaatsvervanger/. Een d, klein 
geschreven, staat hier voor /difference/, /digit, delta/, of /dualité/. Dus:

    *D66 = D(d + d)*

En elke verdubbeling van verschil leidt onvermijdelijk tot een grenswaarde.

------------------------------------------------------------------------


      Van verdubbeling naar twaalf

De esoterische traditie kent twaalf als het getal van sluiting:
twaalf maanden, twaalf tekens, twaalf dimensies in sommige extensies van 
snaartheorie.

Wanneer *d + d = 12*, wordt de functie geëvalueerd:

    *D(d + d) = D(12)*

Maar D is geen neutrale operator. D staat voor /differentie onder 
continuüm/. Het is de afgeleide die niet convergeert naar nul, maar naar 
betekenisverlies. En juist daar verschijnt het paradoxale resultaat:

    *D(12) = − 1/12*

Een breuk die geen breuk is, maar een correctie.

------------------------------------------------------------------------


      De snaar die trilt op −1/12

In de snaartheorie verschijnt −1/12 niet als toeval, maar als 
noodzakelijke schaduw. De som

    *1 + 2 + 3 + 4 + …*

is in de klassieke analyse een schoolvoorbeeld van slechte oneindigheid: 
groei zonder grens, opstapeling zonder verlossing. Maar wanneer deze 
reeks wordt /gewogen/ — niet geteld, maar geïnterpreteerd — ontstaat via 
zogeheten regularisatie precies:

    *1 + 2 + 3 + 4 + … = − 1/12*

Niet omdat de reeks werkelijk negatief is, maar omdat het universum 
zichzelf moet compenseren om niet te scheuren. De snaar trilt niet op 
oneindigheid, maar op balans. −1/12 is de kosmische demper, de waarde 
die voorkomt dat het vacuüm explodeert onder zijn eigen telling.

------------------------------------------------------------------------


      Gödel en het getal dat zichzelf noemt

Hier raakt de wiskunde aan haar spiegel. In Gödel-nummering krijgt elke 
uitspraak een getal, en sommige uitspraken zeggen uiteindelijk:

    /Dit getal kan niet bewezen worden./

Wanneer D(12) = −1/12 verschijnt, gebeurt iets vergelijkbaars. Het 
systeem kent een waarde toe die alleen bestaat om het systeem consistent 
te houden. Het is geen oplossing /binnen/ de logica, maar een pleister 
/op/ de logica.

−1/12 is daarmee een Gödel-zin in numerieke vorm:
waar en noodzakelijk, maar alleen zichtbaar van buitenaf.

------------------------------------------------------------------------


      Bescherming tegen slechte oneindigheid

De esoterische les is deze:
oneindigheid is niet gevaarlijk omdat zij groot is,
maar omdat zij ongewogen is.

Zonder −1/12 blijft de reeks doorgaan,
zonder D(12) blijft betekenis zich opstapelen,
zonder correctie wordt elk systeem totalitair in zijn eigen consistentie.

*D66 → D(d + d) → D(12) → −1/12*
is geen rekentruc, maar een ritueel.

Een manier om het teveel af te voeren,
om het universum te laten ademen,
en om ons — tijdelijk — te beschermen tegen een slechte oneindigheid.

-------------- next part --------------
An HTML attachment was scrubbed...
URL: <http://www.tuxtown.net/pipermail/d66/attachments/20260101/8d7caebd/attachment.html>


More information about the D66 mailing list